Op rolski's kun je uitstekend alle langlauftechnieken nabootsen.
Het is een perfecte training voor elk seizoen.
Er zijn rolski's zowel voor de klassieke- als voor de skatingtechniek.
Langlaufmateriaal, rolski's en compleet verzorgde techniek- en trainingsweken in de sneeuw vind je bij Vasa Sport
http://www.vasasport.nl/
Verslag van
DE ELFSTEDENTOCHT OP ROLSKI’S
Dag 1: Stavoren-Harlingen 50 km.
In een steeds helder wordende lucht naderen we met de boot Enkhuizen-Stavoren het Friese land.
Mijn broer Martin en ik willen als rugzaktrektocht de Elfstedentocht op de rolski’s doen. We zullen daartoe de bordjes van “de Elfstedentocht voor fietsers” volgen.
Het is maar dat u het weet: rolskiën is langlaufen op wieltjes en is, gedaan in de schaatstechniek een synthese van schaatsen en priksleeën; Hollandser kan het dus niet.
Tijdens het afmeren van de boot in de haven van Stavoren raakt Martin in gesprek met een man die de laatste keer de echte tocht heeft gedaan waardoor we al aardig in een Elfstedensfeer komen.
We verkleden ons achter een havengebouwtje en vertrekken in onze kenmerkende uitmonstering richting Hindeloopen, niet wetende wat ons de komende dagen te wachten staat.
3 km. voor Hindeloopen moeten we vol in de remmen want de weg wordt hier opnieuw geasfalteerd. Het nieuwe materiaal is dermate grof dat we moeten lopen: tot Hindeloopen volgens de wegwerkers! Gelukkig mogen we op uitnodiging van een van de mannen in zijn materiaalwagen mee om het onmogelijke stuk te overbruggen.
In Hindeloopen en trouwens in bijna elke andere plaats waar we de komende dagen zullen doorkomen moet er vanwege de straatklinkers hard worden gewerkt om aan onze Elfstedenstempels te komen.
In Workum, schuin tegenover het museum van Jopie Huisman, gebruiken we bij de bakker de lunch en vervolgen we even later onze weg over een mooie route langs de Workumertrekvaart richting Bolsward.
In Bolsward willen we weer stempelen bij de VVV maar de Elfstedenbordjes van de ANWB leiden ons ongemerkt om de stad heen en voor we het weten zitten we al richting Harlingen.
Rond drie uur komen we rollend tussen het winkelende publiek in het centrum van het havenstadje aan.
‘s-Avonds bij de Chinees wil ik na het Friese asfalt mijn voeten graag in een bak ijskoud water zetten.
Dag 2: Harlingen-Dokkum 62 km.
Alle mooi-weer voorspellingen ten spijt, het zal vandaag een nevelige dag blijven. Aan het Friese asfalt beginnen we, net als aan onze 8 kg. zware rugzak al aardig te wennen.
Omdat rolskiën in Friesland blijkbaar nog een niet vertoonde sport is hebben we in de plaatsjes waar we doorkomen steeds veel bekijks en vooral de jeugd heeft aandacht voor onze spullen.
In St. Annaparochie drinken we wat water voor een oude kerk die vanwege een restauratie in de steigers staat. Een voorbijganger stopt en is zeer geïnteresseerd in onze bezigheid. Enthousiast vertelt hij zelf over de echte tocht én over Rembrandt en zijn vrouw Saskia, die in de kerk, waar wij nu en hun standbeeld voor staan, destijds zijn getrouwd.
Buiten de dorpen en stadjes om komen we praktisch geen mens tegen. Omdat het oogsttijd is, is de weg vanwege de klei soms behoorlijk pruttig en moeten we uitkijken dat we niet plotseling vastlopen of uitglijden.
Halverwege de mooie stille route langs de zeedijk richting Holwerd stoppen we even om nieuwsgierig bovenop de dijk te kijken. We verwachten direct erachter het Friesche Wad maar zien in de verte slechts de grijze contouren ervan.
Na een lunchbezoek aan de supermarkt in Holwerd volbrengen we het laatste stukje voor vandaag naar Dokkum. Omdat we elke dag, net wanneer de scholen uitgaan onze eindbestemming naderen, komen we steeds slierten jongelui op de fiets tegen die ons enthousiast aanmoedigen.
In Dokkum logeren we op voorspraak van de VVV in het huis van een zeer aardige, van oorsprong Oostenrijkse dame. Tijdens het genot van een kopje thee toont zij veel belangstelling voor wat wij en andere mensen allemaal ondernemen; vorige week gaf ze nog onderdak aan een Australisch echtpaar die Europa per fiets doorkruistten.
Dag 3: Dokkum-Sneek 70 km.
De alternatieve en mooiere weg naar Bidaard en verder richting Leeuwarden vinden we tevens met medewerking van ijsmeester Reijnders die we op een bruggetje in hartje Dokkum toevallig op zijn fiets tegenkomen. Bij dé tocht staat hij volgens zijn zeggen op het keerpunt van de Dokkumer Ee en stuurt de rijders weer terug richting Leeuwarden; hij staat nu ook, toevallig of niet, opvallend dichtbij hetzelfde punt.
Via een inderdaad aantrekkelijk smal slingerweggetje langs de Dokkumer Ee en over het beroemde bruggetje van Bartlehiem komen we rond de middag in Leeuwarden aan.
Na het gebruikelijke gemanoevreer door de stad volgen we buiten Leeuwarden gekomen weer de Elfstedenroutebordjes.We nemen blindelings aan richting Sneek te worden gestuurd, maar omdat we i.p.v. zuidwaarts steeds meer westwaarts gaan slaat de twijfel over de juiste route toe en oriëntatie via de kaart zegt ons dat als we de bordjes blijven volgen in Bolsward terecht zullen komen. Bij Easterlittens - we zitten toch niet in Wales? Hoewel we hebben kilometers “omgerold” !
Ik zit er op dit moment een beetje doorheen en ben toe aan een flinke pauze, maar Martin drukt door en we komen toch nog op een redelijke tijd Sneek binnen waar de terrassen vanwege het schitterende weer overvol zitten.
Vannacht hebben we logies in stadsherberg Ozinga, nog gehuld in jaren-30 sfeer en gelegen aan de schitterende haven van Sneek.
‘s-Avonds eten we ergens in het gezellige centrum van de stad. De ober van het restaurant vertelt ons dat het de spuigaten uitloopt met die elfstedentocht; zelfs per luchtballon en parachute is hij al volbracht. Uit reakties van de VVV’s blijkt dat wij met de rolski’s de primeur hebben.
Dag 4: Sneek-Stavoren 60 km.
Gisteren de laatste 30 km. met behoorlijke pijn in mijn linker scheenbeen gerolskiet. ‘s-Nachts een paar keer daarvan wakker geworden met daarbij het onrustige gevoel of ik de laatste etappe wel kan volbrengen. Dat zal me echter niet gebeuren en ik stap ‘s-ochtends gewoon op de rolski’s en het gaat nog redelijk ook.
Richting Gaasterland zijn de wegen tussen de meren lang en recht en is het doorzetten geblazen.
In het uitgestorven IJlst stempelen we bij de brugwachter en in Sloten, op de ronde metselkeien van een terras, laat Martin door een toeriste nog een extreme rolskifoto van zichzelf maken.
We waren de afgelopen dagen nog niet onderuit gegaan - wat niet ongebruikelijk is - maar plotseling lig ik toch languit op het asfalt en een paar schaafwondjes en een stukkende handschoen zijn het gevolg. Een kastanje is tussen mijn skibalk en mijn voorwiel gekomen en kijkt me nu ook enigszins geschaafd, onnozel aan.
In het Gaasterland, bovenop de enige echte heuvel in de route, worden we overvallen door een heuse regenbui en schuilen in een schilderachtig landschap tezamen met een fietster onder een boom. Er volgen nu nog een aantal mooie afsluitende kilometers langs en over de IJsselmeerdijk naar Stavoren en we moeten regelmatig tussen de koeien door laveren.
In het begin van de dijk worden we nog door borden voor een aankomende veerooster gewaarschuwd; even later gebeurt dat niet en moet ik op het laatste moment, net zo effectief als in de sneeuw, op mijn gat de grasberm induiken. Voor het veerooster bij Roode Klif, gelegen in een snelle afdaling, waren we thuis gelukkig al gewaarschuwd.
Super voldaan bereiken we ons eindpunt Stavoren waar we ons slotdiner bij de kraam van de visboer in de haven hebben. Hij heeft uiteraard ook de Elfstedentocht van 1963 gereden en vertelt, met nog steeds pijn in zijn hart, als hij bij de wedstrijdrijders zou zijn gestart, hij vast het einde zou hebben gehaald. Hij was echter na hevig twijfelen twee uur later bij de toerrijders begonnen en was wegens de opkomende sterke tegenwind bij Franeker tegen zijn zin van het ijs gehaald.
Daar hebben wij allemaal geen last van gehad!
Tekst: Lex Nooij
Regelen onderdak en stempelen: Martin Nooij.